Incassokosten en handelsrente bij een zakelijke wanbetaler: de staffel van 27 maart 2012, de 10,40 procent van dit halfjaar en het arrest van de Hoge Raad van 10 juli 2015 over uw incassobeding

Een zakelijke klant betaalt een factuur van 12.000 euro niet. Wat u daar wettelijk bovenop mag rekenen, staat op drie plekken: artikel 6:96 BW met het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van 27 maart 2012, en de artikelen 6:119a en 6:120 BW over de wettelijke handelsrente. Voor het tweede halfjaar van 2026 komt dat uit op 895 euro aan incassokosten en 10,40 procent rente per jaar, gemiddeld 104 euro per maand. Beide bedragen gelden zonder dat u er iets over heeft afgesproken; de rente loopt vanzelf, de volledige staffel vraagt eerst een aanmaning.

De staffel van het Besluit en het minimum van 40 euro bij handelsovereenkomsten

Het Besluit rekent 15 procent over de eerste 2.500 euro van de hoofdsom, daarna 10, 5, 1 en 0,5 procent over de volgende tranches, met een plafond van 6.775 euro. Bij een handelsovereenkomst is volgens artikel 6:96 lid 4 BW ten minste 40 euro verschuldigd zonder aanmaning, vanaf de dag na de uiterste betaaldag, en daarvan mag niet ten nadele van de schuldeiser worden afgeweken. De veertiendagenbrief geldt alleen voor consumenten; een bv of een zakelijk inkopende eenmanszaak heeft daar geen recht op.

Handelsrente van 10,40 procent en het arrest van de Hoge Raad van 10 juli 2015

De handelsrente is de ECB-herfinancieringsrente vóór het begin van het halfjaar plus acht procentpunten. Met de ECB-stand van 2,40 procent sinds 17 juni 2026 is dat 10,40 procent voor het halfjaar dat op 1 juli 2026 begon; de verhoging naar 2,65 procent per 16 september 2026 werkt pas op 1 januari 2027 door. De rente loopt van rechtswege, zonder ingebrekestelling. Veel algemene voorwaarden bevatten daarnaast een eigen incassobeding van 15 procent. De Hoge Raad besliste op 10 juli 2015 (ECLI:NL:HR:2015:1868) dat zo'n beding tussen ondernemingen geldig is, maar dat de rechter het ambtshalve kan matigen tot het staffelbedrag, tenzij de schuldeiser stelt en aannemelijk maakt dat zijn werkelijke kosten hoger en redelijk waren.

Artikel 6:44 BW en de deelbetaling die het dossier niet sluit

Hetzelfde arrest bevestigt dat incassokosten onder artikel 6:44 lid 1 BW vallen: een betaling wordt eerst op de kosten, dan op de rente en pas daarna op de hoofdsom toegerekend. De klant die na een sommatie precies de hoofdsom overmaakt, laat daarmee een deel van de hoofdsom openstaan waarover de rente doorloopt. Het artikel sluit af met vijf dingen die u vóór de eerste aanmaning vastlegt, van de uiterste betaaldag en het ontvangstbewijs van de factuur tot de schriftelijke toerekening van elke deelbetaling.

Read more

Betaaltermijnen in B2B-contracten: wanneer uitstel krediet wordt

Waarom betaaltermijnen contractrecht zijn

Een betalingstermijn lijkt vaak een administratieve afspraak: dertig dagen, zestig dagen, soms langer. Voor ondernemers is zij veel meer dan dat. De termijn bepaalt wie de onderneming tijdelijk financiert. Als een leverancier personeel, software, materiaal en btw al heeft betaald, maar de klant pas weken later betaalt, ontstaat feitelijk leverancierskrediet. Daarom verdient de betaalclausule dezelfde aandacht als prijs, aansprakelijkheid en opzegging. De kern is wanneer de factuur juridisch opeisbaar wordt en welke stukken dat bewijzen.

In B2B-contracten gaat het snel mis wanneer offerte, algemene voorwaarden, opdrachtbevestiging en factuur niet hetzelfde zeggen. Begint de termijn bij factuurdatum, levering, oplevering, acceptatie of ontvangst van een correcte factuur? Mag de klant betaling volledig opschorten bij een klein deelgeschil, of alleen voor het betwiste deel? Een termijn boven zestig dagen vraagt bovendien juridische aandacht, zeker bij grotere klanten en kleinere leveranciers. Juist zulke details bepalen of een ondernemer bij te late betaling stevig staat. Een goede betalingsregeling maakt van losse administratie een bewijsbaar betalingsdossier.

Rente, kosten en bewijs

De wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke incassokosten kunnen helpen, maar alleen wanneer de onderliggende stukken kloppen. Artikel 6:119a BW geeft richting voor handelsrente bij handelsovereenkomsten; artikel 6:96 BW is relevant voor redelijke kosten ter verkrijging van betaling buiten rechte. Europese regels over late betaling behandelen betalingsachterstand bovendien als een reëel mkb-probleem. Dat juridische kader werkt in de praktijk pas goed wanneer de ondernemer kan aantonen welke opdracht is gegeven, wat is geleverd, wanneer is gefactureerd en welke bezwaren de klant wel of niet tijdig heeft gemaakt.

Daarom is de beste incassostrategie vaak contractontwerp. Een zakelijke herinnering hoeft niet hard te klinken, maar moet precies zijn: factuurnummer, overeenkomst, vervallen termijn, rentevoorbehoud en vervolgstap. Bij structurele achterstand kan het contract werken met treden, zoals herinnering, opschorting, voorschot voor nieuwe opdrachten en uiteindelijk beëindiging. Zo blijft de relatie mogelijk, maar wordt de leverancier geen bank zonder zekerheden.

Een praktische scan

Voor ondernemers is een korte review van betaalclausules vaak waardevoller dan een discussie achteraf. Controleer of de voorwaarden correct van toepassing zijn, of de factuurmomenten passen bij de werkelijke operatie, en of rente, kosten, opschorting, eigendomsvoorbehoud en beëindiging logisch samenwerken. De JAVB contractscan en voorwaardenreview kijken naar dat hele mechanisme. Het doel is eenvoudig: werkkapitaalbescherming in contractvorm, zonder overdreven incassotaal en zonder de commerciële relatie onnodig te beschadigen.

Read more