Schijnzelfstandigheid: de Belastingdienst gaat per 2025 weer handhaven — dit is uw najaarsplan

Door JAVB Editor

Acht jaar lang keek de Belastingdienst grotendeels weg bij schijnzelfstandigheid — het "handhavingsmoratorium" rond de Wet DBA maakte van de zzp-kwalificatie een papieren risico. Daar komt een einde aan: per 1 januari 2025 gaat de Belastingdienst weer handhaven op arbeidsrelaties, zo heeft het kabinet dit jaar bevestigd — met in de aangekondigde aanpak prioriteit voor evidente gevallen en risicosectoren. Voor de vele bedrijven die met zzp'ers werken, verandert het speelveld daarmee fundamenteel — niet omdat de regels veranderen, maar omdat ze eindelijk worden toegepast. Weet u van elke ingehuurde zelfstandige in uw bedrijf zeker dat het géén verkapte werknemer is?

Zzp'er of werknemer: de praktijk beslist, niet het papier.

In dit artikel zetten we op een rij waar de grens tussen zzp'er en werknemer werkelijk ligt (spoiler: niet in het contract), wat de Hoge Raad daarover heeft gezegd, wat er per 1 januari 2025 concreet verandert, welke risico's opdrachtgever én zelfstandige lopen, en — vooral — welke stappen u dit najaar nog kunt zetten. Wilt u uw inhuurcontracten direct laten nalopen? Onze pagina over contracten controleren beschrijft de aanpak. Geschreven voor mkb-opdrachtgevers, HR, inhuurmanagers en zzp'ers zelf. Dit is algemene, educatieve informatie en geen juridisch advies op maat.


De wet is oud, de toets is holistisch

De kern van het hele vraagstuk is een definitie die al meer dan een eeuw meegaat:

"De arbeidsovereenkomst is de overeenkomst waarbij de ene partij, de werknemer, zich verbindt in dienst van de andere partij, de werkgever, tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten." — artikel 7:610 lid 1 Burgerlijk Wetboek Boek 7

Arbeid, loon en gezag — en vooral dat laatste element wordt sinds het Deliveroo-arrest van de Hoge Raad (maart 2023) breed gewogen. De Hoge Raad noemde een waaier van gezichtspunten die in onderlinge samenhang bekeken moeten worden: de aard en duur van het werk, de manier waarop werk en werktijden worden bepaald, de inbedding van het werk en de werkende in de organisatie, het al dan niet bestaan van een verplichting het werk persoonlijk uit te voeren, de manier waarop de beloning wordt bepaald, de hoogte van de beloning, het commerciële risico — en of de werkende zich in het economisch verkeer als ondernemer gedraagt (meerdere opdrachtgevers, acquisitie, investeringen). Twee gevolgtrekkingen springen eruit:

  • Papier volgt praktijk, niet andersom. Wat partijen op papier "bedoelden" weegt niet zwaarder dan hoe er feitelijk wordt gewerkt. Een perfecte modelovereenkomst naast een ingebedde fulltime-kracht is een schijnconstructie met een mooi kaft.

  • Inbedding weegt zwaar — al is geen enkel gezichtspunt op zichzelf beslissend. Wie hetzelfde werk doet als werknemers, in het rooster meedraait, het teamoverleg bijwoont en de bedrijfslaptop gebruikt, lijkt verdacht veel op een collega — wat de factuur ook zegt.


Wat er per 1 januari 2025 concreet verandert

Het opheffen van het handhavingsmoratorium betekent dat de Belastingdienst weer over de volle breedte correctieverplichtingen en naheffingsaanslagen loonheffingen kan opleggen wanneer een arbeidsrelatie feitelijk een dienstbetrekking blijkt — in beginsel met werking vanaf 1 januari 2025, niet met terugwerkende kracht over de moratoriumjaren (behalve bij kwaadwillendheid of genegeerde aanwijzingen). Het kabinet heeft daarbij een zachte landing geschetst: in het eerste jaar wordt terughoudend omgegaan met boetes voor partijen die aantoonbaar werken aan het op orde brengen van hun inhuur. Maar de naheffing zelf — loonheffing en premies over de hele beloning — is óók zonder boete een fors bedrag. En let op: de fiscale handhaving is maar één front. Civielrechtelijk kan de werkende zelf (of bij cao-handhaving een pensioenfonds) zich op het standpunt stellen dat er een arbeidsovereenkomst is — met loondoorbetaling bij ziekte, ontslagbescherming, vakantiegeld en pensioenpremies met terugwerkende kracht als inzet. Dat risico bestond tijdens het moratorium al onverkort.

Inbedding of ondernemerschap: de Deliveroo-vraag.

Intussen werkt de wetgever aan een wet die de beoordeling moet verduidelijken (het wetsvoorstel VBAR, met inbedding en ondernemerschap als kernbegrippen en een uurtarief-ondergrens als rechtsvermoeden), maar die is nog niet aangenomen — wie wacht op "duidelijkheid uit Den Haag" wacht voorbij de handhavingsdatum.


De risico's, per rol

Voor de opdrachtgever

Naheffingen loonheffing en premies werknemersverzekeringen, eventueel verhaalsbeperkingen richting de zzp'er, civiele claims op arbeidsrechtelijke bescherming, cao- en pensioenfondsclaims, en — onderschat — de onrust in het eigen bestand: één geslaagde claim is een precedent voor de hele flexibele schil.

Voor de zzp'er

Verlies van fiscale ondernemersfaciliteiten bij herkwalificatie, discussies over btw die ten onrechte is gefactureerd, mogelijke gaten in verzekeringen die op de ondernemersstatus zijn afgestemd, en de praktische kant: opdrachtgevers die uit risicomijding contracten beëindigen of inhuur via detacheerders en payrollers forceren. De zelfstandige die zijn ondernemerschap kan aantonen — meerdere opdrachtgevers, eigen investeringen, eigen profilering — staat in elke discussie sterker.


Het stappenplan voor dit najaar

  • 1. Inventariseer. Breng alle zzp-inhuur in kaart: functie, duur, tarief, en vooral de feitelijke werksituatie. Langlopende inhuur op kernfuncties eerst.

  • 2. Toets op inbedding en ondernemerschap. Loop per relatie de Deliveroo-gezichtspunten langs — eerlijk, alsof de inspecteur meekijkt. Een kleurcodering (groen/oranje/rood) maakt het behapbaar.

  • 3. Herstructureer waar het kan. Soms is de relatie echt ondernemend te maken: resultaatafspraken in plaats van uren, vrije vervanging die ook echt mág, eigen gereedschap, geen inbedding in roosters en overleggen. Pas de praktijk aan, niet alleen het contract — een herschreven overeenkomst zonder gewijzigde werkelijkheid kan juist tegen u worden gebruikt.

  • 4. Kies eerlijk waar het niet kan. Voor structureel ingebedde rollen zijn er nette routes: in dienst nemen (eventueel met een aantrekkelijk aanbod), uitzenden/detacheren of payroll. Duurder per uur, maar goedkoper dan een naheffing met rente.

  • 5. Documenteer. Leg de toets, de keuzes en de aanpassingen vast. Wie in 2025 kan laten zien dat hij serieus werk maakte van de beoordeling, staat er in de boete-afweging aanzienlijk beter voor. Let daarbij ook op de basis van elke inhuurrelatie — de overeenkomst van opdracht zelf; oude reflexen uit het arbeidsrecht (zoals proeftijdclausules) horen daar niet in thuis, zie ook onze blog over de proeftijd.

Werkt u met buitenlandse zelfstandigen of opdrachtgevers, dan stapelt de kwalificatievraag zich op internationale loonheffings- en verzekeringsvragen — zie onze eerdere blog over de buitenlandse werkgever met een binnenlandse werknemer.


Veelgestelde vragen

Wij werken met door de Belastingdienst goedgekeurde modelovereenkomsten. Zitten we safe?

Nee. Een modelovereenkomst beschermt alleen als er ook feitelijk volgens dat model wordt gewerkt — en de Belastingdienst heeft bovendien aangekondigd het stelsel van modelovereenkomsten af te bouwen. De feitelijke werksituatie is en blijft de toets.

Geldt de handhaving met terugwerkende kracht?

In beginsel niet verder terug dan 1 januari 2025, behalve bij kwaadwillendheid of wanneer eerdere aanwijzingen van de Belastingdienst zijn genegeerd. Het civiele risico (claims van de werkende) kent die beperking echter niet.

Eén dag per week een zzp'er inhuren — kan dat nog?

De omvang is niet beslissend; de aard van de relatie is dat wel. Een specialist die voor een afgebakende klus komt, eigen methoden gebruikt en meerdere klanten bedient, kan ook fulltime zzp'er zijn; een "parttime collega" die in het team is ingebed, is ook één dag per week een risico.

Wat is wijsheid voor lopende contracten die in 2025 doorlopen?

Toets ze nu, en gebruik het najaar voor herstructurering of een nette overgang. Een contractuele einddatum vóór 1 januari met een bewuste her-beoordeling is voor twijfelgevallen een verdedigbare route.

Inventariseer, toets, documenteer — vóór 1 januari.


Conclusie

De regels rond schijnzelfstandigheid zijn niet nieuw — de handhaving wel. Wie dit najaar inventariseert, eerlijk toetst op inbedding en ondernemerschap, en de praktijk (niet alleen het papier) aanpast, gaat 1 januari 2025 in met aanzienlijk minder risico. Wie wacht, levert de regie in bij de inspecteur of de rechter. Laat uw flexibele schil dit kwartaal doorlichten en verklein het naheffingsrisico — bij de zzp-kwalificatie geldt sinds Deliveroo onverkort: beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.

Laatst bijgewerkt: 8 oktober 2024.