Scan uw zakelijke contract direct online — vaste prijs, vandaag resultaat
Blog van juridisch advies voor bedrijven met kennisartikelen. Juridisch advies MKB over wetgeving voor webwinkels. Juristen regio Utrecht Amsterdam en Eindhoven. Vraag naar de starterskorting!
Een motorenbouwer uit Helmond leent drie prototypes van een nieuwe middenmotor voor elektrische bakfietsen uit aan een fietsfabrikant die de motor wil testen. Beide partijen tekenen een standaard-NDA over "vertrouwelijke informatie". De motoren komen terug, één behuizing is geopend geweest, en een half jaar later brengt de fabrikant een eigen motor uit met een vergelijkbare tandwieloverbrenging. Kan de motorenbouwer iets doen? De gebruiksbeperking in de NDA kan concurrerend gebruik al in de weg staan, afhankelijk van de uitleg van het contract. Veel sterker staat hij met een bepaling die in veel NDA's ontbreekt: een verbod op demontage en reverse engineering.
De Wet bescherming bedrijfsgeheimen geldt sinds 23 oktober 2018. Artikel 3 lid 1 sub b bepaalt dat het verkrijgen van een bedrijfsgeheim door observatie, onderzoek, demontage of testen van een product niet onrechtmatig is als de verwerver het product rechtmatig bezit en niet gebonden is aan een rechtsgeldige verplichting om dat verkrijgen te beperken. Wie een prototype netjes in bruikleen heeft gekregen zonder contractueel verbod, mag het dus openschroeven en opmeten. Of hij die kennis daarna voor een eigen product mag gebruiken, hangt af van de gebruiksbeperking in de NDA. Ook een onafhankelijk eigen ontwerp is toegestaan.
Een NDA die alleen over verstrekte informatie gaat, dekt het fysieke product vaak niet. Een demontageverbod is een rechtsgeldige beperking van het verkrijgen, waardoor de uitzondering van artikel 3 niet meer opgaat. Voor het gebruik daarna geldt artikel 2 lid 2 Wbb: gebruik van een bedrijfsgeheim is onrechtmatig bij inbreuk op een geheimhoudingsovereenkomst of op een contractuele beperking van het gebruik. Een helder verbod op openen, demonteren, scannen en analyseren, gecombineerd met de afspraak dat het prototype uw eigendom blijft, een vaste teruggavedatum en een boete per overtreding, geeft de rechter iets om op te bouwen. Bij een voorlopig verbod onder artikel 5 en de maatregelen van artikel 6 Wbb weegt de rechter bovendien mee welke maatregelen de houder zelf nam.
Wie de techniek wil octrooieren, moet ook op artikel 4 Rijksoctrooiwet 1995 letten. Wat vóór de aanvraag openbaar toegankelijk is gemaakt, ook door toepassing, behoort tot de stand van de techniek. Een prototype zonder geheimhoudingsafspraak meegeven kan de nieuwheid van een latere aanvraag schaden. In het artikel vindt u zes bepalingen voor een evaluatieovereenkomst bij een prototype.
Een machinebouwer levert een flowpack-verpakkingsmachine van 240.000 euro aan een koekjesfabriek. De eerste termijn is betaald, maar de factuur van 120.000 euro voor de tweede termijn blijft liggen. De fabriek meldt dat de sealbekken lekken en wil pas betalen als alles werkt; de monteurs van de machinebouwer stoppen met inregelen. Beide partijen beroepen zich op hetzelfde middel: het opschortingsrecht van artikel 6:262 BW. Wie heeft gelijk, en hoeveel mag ieder inhouden?
Komt een partij bij een wederkerige overeenkomst haar verbintenis niet na, dan mag de wederpartij haar eigen prestatie opschorten. Bij een gedeeltelijke of niet behoorlijke nakoming mag dat alleen voor zover de tekortkoming de opschorting rechtvaardigt. Hoeveel de fabriek mag inhouden, hangt af van de ernst van het gebrek. De herstelkosten zijn daarbij niet doorslaggevend: ook de bruikbaarheid van de machine en de druk om herstel af te dwingen bepalen of volledige inhouding gerechtvaardigd is. De machinebouwer kan alleen opschorten voor het deel dat de fabriek ten onrechte inhoudt. Wie eerst moet presteren, kan onder artikel 6:263 BW toch opschorten als na het sluiten van het contract feiten bekend worden die goede grond geven te vrezen dat de klant niet zal betalen. Het algemene opschortingsrecht van artikel 6:52 BW reikt verder, tot verbintenissen die voldoende samenhangen, bijvoorbeeld uit zaken die partijen regelmatig met elkaar doen.
Wie de wederpartij zelf verhindert na te komen, bijvoorbeeld door monteurs geen toegang te geven, mag niet opschorten (artikel 6:54 onder a BW). Zekerheidstelling beëindigt een opschorting onder 6:52, tenzij de voldoening daardoor onredelijk wordt vertraagd; volgens artikel 6:264 BW geldt die regel niet voor opschorting onder 6:262 en 6:263. Een beding in algemene voorwaarden dat de afnemer opschorting ontzegt, staat tegenover consumenten op de zwarte lijst; tussen bedrijven is het in beginsel geldig, onder toetsing aan de redelijkheid. En wie te ruim of ten onrechte opschort, schiet zelf tekort.
In het artikel leest u hoe de zaak van de koekjesfabriek afloopt, hoe het retentierecht van artikel 3:290 BW werkt voor zaken van de klant in uw werkplaats, en welk schema voor een rechtmatige opschorting u helpt om stil te leggen zonder zelf in verzuim te raken.
Een groothandel ontvangt twintig pallets sinaasappels uit een koelwagen, tekent de vrachtbrief zonder opmerkingen en ontdekt op donderdag dat een deel van de vruchten bevroren is geweest. De inkoper belt de leverancier pas drie weken later. De leverancier antwoordt dat de klacht te laat komt. Of dat klopt, hangt af van de klachtplicht van artikel 7:23 BW bij koop en van artikel 6:89 BW bij een gebrekkige prestatie buiten koop, zoals dienstverlening.
Wie een gebrek niet binnen bekwame tijd meldt nadat hij het heeft ontdekt of redelijkerwijs had moeten ontdekken, verliest zijn rechten. Dat geldt voor ontbinding, schadevergoeding, herstel en vervanging tegelijk, ook als het gebrek vaststaat. Voor consumenten is een melding binnen twee maanden na ontdekking tijdig. Tussen bedrijven bestaat geen vaste termijn. Bij koop verjaart de vordering bovendien twee jaar na de kennisgeving.
Sinds het arrest van 29 juni 2007 moet de zakelijke koper eerst het onderzoek doen dat redelijkerwijs van hem mag worden verwacht en daarna binnen bekwame tijd melden wat hij vond. Op 25 maart 2011 voegde de Hoge Raad in een zaak over een verontreinigd tankstation toe dat een vaste termijn niet als uitgangspunt mag dienen, en dat een koper die op geruststellende mededelingen van de verkoper mag vertrouwen minder snel hoeft te onderzoeken. Op 8 februari 2013 maakte de Hoge Raad duidelijk dat ook het nadeel van de wederpartij meeweegt, zoals een slechtere bewijspositie of een gemiste kans om de schade te beperken.
In het artikel leest u hoe die drie arresten samen werken, waarom de sinaasappelgroothandel met een melding op donderdag en de uitlezing van de temperatuurlogger veel sterker had gestaan, en hoe een klachttermijn in algemene voorwaarden tussen bedrijven werkt. U vindt ook een praktisch schema voor het moment van ontvangst, de eerste dagen daarna, langer lopend onderzoek, de klacht zelf en de verjaring, plus de fouten die ondernemers na een gebrekkige levering het vaakst maken.